RJ 275: aandelen en opties voor personeel verwerken
Krijgt een sleutelmedewerker certificaten, opties of een bonus die meebeweegt met de waarde van de aandelen, dan is dat loon, ook als er geen euro de deur uitgaat. RJ 275 bepaalt hoe groot die last is en wanneer hij in het resultaat komt.
Het korte antwoord
RJ 275 regelt beloningen in of op basis van aandelen. Bij afwikkeling in aandelen verwerkt u de waarde op de toekenningsdatum als loonkosten over de wachtperiode, met een stijging van het eigen vermogen. Bij afwikkeling in geld vormt u een verplichting die u elk jaar herwaardeert. Kleine rechtspersonen volgen hetzelfde hoofdstuk via RJk B14.129.
Bijgewerkt op 27 oktober 2026
Kerngegevens
| Richtlijn | RJ 275 Op aandelen gebaseerde betalingen; kleine rechtspersonen via RJk B14.129, toelichting volgens RJk B8.127 |
| Van kracht | Versie voor boekjaren vanaf 1 januari 2026, met de herziene vrijstelling van RJ 275.103a en een overgangsregeling (275.603) |
| Wettelijke basis | art. 2:383d BW (opties bij de open NV), art. 2:378 BW (verloop eigen vermogen) |
| Opties | Keuze tussen reële waarde en intrinsieke waarde (RJ 275.314) |
Wat onder RJ 275 valt
Het hoofdstuk geldt voor elke transactie waarin de rechtspersoon goederen of diensten ontvangt tegen eigen aandelen of opties, of tegen een betaling die afhangt van de waarde van die aandelen. Ook aandelen van een andere maatschappij in de groep tellen mee (RJ 275.107). In de praktijk gaat het meestal om personeel: certificaten via een stichting administratiekantoor, opties, of een phantom-share- of SAR-regeling die in geld uitbetaalt. Bestuurders en commissarissen vallen onder het begrip personeel (RJ 275.104).
Buiten het hoofdstuk vallen onder meer een emissie waarin het personeelslid meedoet als gewone aandeelhouder, een inbreng tussen maatschappijen onder gezamenlijke leiding en aandelen die bij een overname worden uitgegeven (RJ 275.103).
Er bestond al een vrijstelling in RJ 275.103a; vanaf boekjaar 2026 luidt zij: RJ 275 hoeft niet te worden toegepast op een regeling die een persoon of maatschappij buiten uw consolidatiekring afwikkelt, bijvoorbeeld een aandeelhouder die privé aandelen aan een medewerker overdraagt. De toelichting als transactie met een verbonden partij blijft dan nodig (RJ 275.511). De Raad legde dat vast in RJ-Uiting 2025-12 van 17 december 2025. Moet u een regeling die op 1 januari 2025 liep daardoor anders verwerken, dan volgt u de regels voor stelselwijzigingen. Viel zij zowel in 2025 onder de oude als in 2026 onder de nieuwe vrijstelling, dan mag u het effect buiten de vergelijkende cijfers laten (RJ 275.603).
De kern: waarde bij toekenning, gespreid over de wachtperiode
- Waardeer de toegekende instrumenten. Bij personeel gaat u uit van de waarde van de aandelen of opties op de toekenningsdatum, omdat de waarde van het werk zelf niet betrouwbaar te meten is (RJ 275.302).
- Bepaal de wachtperiode. Zonder voorwaarden is het werk al geleverd en komt de last direct. Moet de medewerker eerst in dienst blijven of een doel halen, dan spreidt u de last lineair over die periode (RJ 275.303 en 275.304).
- Schat hoeveel instrumenten onvoorwaardelijk worden. Vertrekt iemand voor het einde, dan draait u de cumulatieve last terug. Een koersdoel blijft bij die schatting buiten beschouwing, omdat het al in de waarde zit (RJ 275.306 en 275.307).
- Kijk naar de afwikkeling. In aandelen: last tegen eigen vermogen. In geld: last tegen een verplichting, die u op elke balansdatum opnieuw waardeert.
Voor opties kiest u tussen de reële waarde, met een optiewaarderingsmodel, en de intrinsieke waarde: het verschil tussen de waarde van het aandeel en de uitoefenprijs. Bij de intrinsieke waarde bepaalt u die op elke balansdatum opnieuw en neemt u elke verandering in het resultaat (RJ 275.314). Voor een niet-beursgenoteerde BV is dat vaak de praktische keuze. Neemt de BV de loonheffing van de medewerker voor haar rekening, dan behandelt u die als een afwikkeling in geld (RJ 275.315).
Casus 1: certificaten na drie dienstjaren
Softwarebedrijf Hertz BV kent op 1 januari 2025 een productmanager 1.000 certificaten toe, die zij krijgt als zij op 31 december 2027 nog in dienst is. Een onafhankelijke waardering zet de waarde op de toekenningsdatum op € 45 per certificaat, dus € 45.000.
| Jaar | Cumulatieve last | Last in het jaar | Boeking |
|---|---|---|---|
| 2025 | € 15.000 | € 15.000 | Lonen aan Eigen vermogen (overige reserves of een aparte reserve) |
| 2026 | € 30.000 | € 15.000 | Idem |
| 2027 | € 45.000 | € 15.000 | Idem; bij levering verschuift het bedrag binnen het eigen vermogen |
Vertrekt de productmanager in juni 2026, dan wordt de cumulatieve last nul: in 2026 boekt Hertz € 15.000 terug. Een latere stijging van de waarde van het certificaat verandert niets aan de last, omdat de afwikkeling in aandelen plaatsvindt. Middelgroot en groot tonen de toekenning als afzonderlijke mutatie in het overzicht van het eigen vermogen (RJ 275.509).
Casus 2: phantom shares die in geld uitbetalen
Groothandel Meridiaan BV belooft drie managers op 1 januari 2025 een uitkering in geld gelijk aan de waardestijging van 2% van de aandelen over drie jaar, als zij tot eind 2027 blijven. De schatting van de uit te keren som is eind 2025 € 60.000 en eind 2026 € 72.000.
| Balansdatum | Verplichting (geschatte uitkering × verstreken deel) | Last in het jaar |
|---|---|---|
| 31-12-2025 | € 60.000 × 1/3 = € 20.000 | € 20.000 |
| 31-12-2026 | € 72.000 × 2/3 = € 48.000 | € 28.000 |
Omdat het bedrag en het moment onzeker zijn, staat de verplichting onder de voorzieningen; is zij vast, dan onder de schulden (RJ 275.503).
Casus 3: de DGA geeft privé aandelen
De enige aandeelhouder van Bouwadvies Rietveld BV draagt in 2026 privé 5% van zijn aandelen over aan de bedrijfsleider, als beloning voor diens inzet. De BV zelf betaalt niets en geeft niets uit. Omdat de afwikkeling buiten de consolidatiekring van de BV plaatsvindt, hoeft de BV geen last te verwerken (RJ 275.103a). Was Rietveld groot, dan lichtte zij de overdracht toe als transactie met een verbonden partij die niet onder normale marktvoorwaarden plaatsvond (RJ 275.511); als kleine of middelgrote BV is zij van die opgave vrijgesteld. Zie RJ 330.
Per grootteklasse
| Klasse | Verwerking | Toelichting |
|---|---|---|
| Micro (activa ≤ € 450.000, netto-omzet ≤ € 900.000, < 10 werknemers) | Via de regels voor klein naar RJ 275 (RJk M1.301 en B14.129) | Geen |
| Klein (activa ≤ € 7,5 mln, netto-omzet ≤ € 15 mln, < 50 werknemers) | RJ 275 (RJk B14.129) | Grondslag van waardering verplicht (art. 2:384 lid 5 BW); uitstaande opties en hun voorwaarden zijn een keuze (RJk B8.127) |
| Middelgroot (activa ≤ € 25 mln, netto-omzet ≤ € 50 mln, < 250 werknemers) | RJ 275 | Aard en voorwaarden, verwerkt bedrag waarvan onder lonen, waarderingsgrondslag, afdekkingsbeleid (RJ 275.504 tot en met 508); afzonderlijke mutaties in het eigen vermogen (RJ 275.509); vrijgesteld van het verloop van verleende rechten (RJ 240.609 onder a tot en met c); een NV die niet besloten en niet beursgenoteerd is, ook art. 2:383d BW |
| Groot | RJ 275 | Alle opgaven van RJ 275.5, ook het verloop van verleende rechten; een NV die niet besloten en niet beursgenoteerd is, ook art. 2:383d BW |
Veelgemaakte fouten
- Geen last boeken omdat de BV geen geld uitgeeft.
- De last in het jaar van toekenning nemen terwijl er een wachtperiode is.
- Bij een vertrekkende medewerker de eerder genomen last laten staan.
- Een regeling in geld niet herwaarderen op de balansdatum.
- Een overdracht door de aandeelhouder zelf verwerken alsof de BV betaalt, of juist helemaal niet toelichten.
Bronnen
- RJ-Uiting 2025-12: verduidelijking vrijstelling op aandelen gebaseerde betalingen (rjnet.nl)
- Art. 2:378 BW: verloop van het eigen vermogen (wetten.overheid.nl)
- Art. 2:383d BW: rechten op aandelen bij de open NV
- Raad voor de Jaarverslaggeving: de Richtlijnen en de bundels (rjnet.nl)
- Raad voor de Jaarverslaggeving: Ten geleides per jaareditie, met de wijzigingen per boekjaar
Veelgestelde vragen
Moet een BV kosten boeken voor certificaten die zij aan personeel geeft?
Ja. De waarde op de toekenningsdatum is loon. U spreidt de last over de periode waarin de medewerker in dienst moet blijven en boekt daartegenover een stijging van het eigen vermogen (RJ 275.302 tot en met 304). Kleine rechtspersonen volgen dezelfde verwerking via RJk B14.129.
Wat houdt de vrijstelling van RJ 275.103a in?
Vanaf boekjaar 2026 hoeft u RJ 275 niet toe te passen op een regeling die een persoon of maatschappij buiten de consolidatiekring van de rechtspersoon afwikkelt, zoals een aandeelhouder die privé aandelen overdraagt. De toelichting als transactie met een verbonden partij blijft gelden (RJ 275.511). De vrijstelling bestond al, maar is in RJ-Uiting 2025-12 aangepast; voor regelingen die al liepen geldt een overgangsregeling (RJ 275.603).
Moet ik opties tegen reële of tegen intrinsieke waarde verwerken?
U mag kiezen (RJ 275.314). De reële waarde vraagt een optiewaarderingsmodel; bij afwikkeling in aandelen ligt zij vast op de toekenningsdatum, bij afwikkeling in geld waardeert u op elke balansdatum opnieuw. De intrinsieke waarde is het verschil tussen de waarde van het aandeel en de uitoefenprijs; die bepaalt u op elke balansdatum opnieuw en elke verandering komt in het resultaat. Vermeld de gekozen grondslag in de toelichting.
Hoe verwerk ik phantom shares?
Als een regeling die in geld wordt afgewikkeld. U neemt een verplichting op voor het deel van de verwachte uitkering dat bij de verstreken diensttijd hoort en herwaardeert die op elke balansdatum. Elke verandering komt in de loonkosten van het jaar.
Lees ook
Klaar voor uw jaarrekening?
Uw eerste jaarrekening is gratis, voor elke grootteklasse. Maak een account aan en stel haar op volgens Titel 9 BW2, van saldibalans tot publicatiestukken.
Gratis starten