Richtlijnen (RJ)

De RJk: Richtlijnen voor micro- en kleine rechtspersonen

De RJk is de bundel waarmee de meeste Nederlandse BV's hun jaarrekening opstellen. Wat erin staat, wat verplicht is en wanneer u beter de volledige RJ volgt.

✓ Eerste jaarrekening gratis ✓ Micro tot grote rechtspersoon ✓ Publicatieversie per grootteklasse ✓ Primaire database in de EU · verwerkersovereenkomst

Het korte antwoord

De RJk is de aparte bundel van de Raad voor de Jaarverslaggeving voor micro- en kleine rechtspersonen. Afdeling M regelt de micro, A de algemene onderwerpen, B de posten, C bijzondere kleine organisaties en D bevat wet, besluiten en handreikingen voor fiscale grondslagen. Een kleine rechtspersoon mag in plaats daarvan de volledige RJ-bundel volgen.

Bijgewerkt op 27 oktober 2026

Kerngegevens

Voor wieMicro (balanstotaal ≤ € 450.000, netto-omzet ≤ € 900.000, < 10 werknemers) en klein (balanstotaal ≤ € 7,5 mln, netto-omzet ≤ € 15 mln, < 50 werknemers)
Wettelijke basisart. 2:395a BW (micro) en art. 2:396 BW (klein)
EditiesRJk 2025 voor boekjaar 2025, RJk 2026 voor boekjaar 2026, RJk 2027 voor boekjaar 2027
Verplicht of niet"moet" of een wetsverwijzing: verplicht; "kan overwegen": vrijwillig
Fiscale grondslagenToegestaan voor micro en klein, mits alle fiscale grondslagen worden toegepast

Voor wie de RJk geldt

De RJk is geschreven voor rechtspersonen die op twee opeenvolgende balansdata aan ten minste twee van de drie criteria voor micro of klein voldoen, met de cijfers van de groep meegeteld. Een tussenhoudster die de consolidatievrijstelling van art. 2:408 BW gebruikt, telt alleen haar eigen cijfers. In het eerste en tweede boekjaar beslissen de cijfers op de eerste balansdatum (art. 2:398 lid 1 BW). Een personal holding die geen centrale leiding geeft aan haar dochter, vormt geen groep met die dochter en toetst haar eigen cijfers (RJk M1.109).

Buiten de RJk vallen beleggingsmaatschappijen en organisaties van openbaar belang, die geen gebruik mogen maken van het klein- of microregime (art. 2:398 BW). Ook een kleine rechtspersoon die IFRS toepast, verliest de vrijstellingen van art. 2:396 BW (RJk A1.105). En wie als dochter de groepsvrijstelling van art. 2:403 BW gebruikt, hoeft de jaarrekening niet volgens Titel 9 in te richten; de RJk gaat uit van de situatie zonder die vrijstelling (RJk A1.101).

De opbouw: afdelingen M, A, B, C en D

AfdelingHoofdstukkenWaarover
M: microM1 Microrechtspersonen; M2 micro zorgaanbieders, jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingenWat de micro opneemt, hoe zij waardeert en wat zij deponeert
A: algemeenA1 inleiding en status; A2 verwerking en waardering; A3 stelsel- en schattingswijzigingen en foutherstel; A4 gebeurtenissen na balansdatum; A6 openbaarmaking; A8 winstbestemming (A5 en A7 zijn vervallen)De algemene grondslagen, waaronder continuïteit, bijzondere waardeverminderingen en vreemde valuta
B: jaarrekeningpostenB1 tot en met B18: van immateriële vaste activa (B1) via voorraden (B4), eigen vermogen (B8), voorzieningen (B10) en leasing (B11) tot belastingen (B15) en de toelichting (B18)Per post: opname, waardering, presentatie en toelichting
C: bijzondere kleine rechtspersonenC1 organisaties zonder winststreven; C2 fondsenwervende organisaties; C3 zorgaanbieders, jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingenAfwijkende modellen en baten; de bijzondere regels van C1 en C2 gaan voor op de rest van de bundel
D: bijlagenD1 wetteksten; D2 modellen en besluiten; D3 handreikingen fiscale grondslagen; D4 inrichtings- en publicatievoorschriften kleinNaslag: Titel 9, Besluit modellen jaarrekening, Besluit actuele waarde, Besluit fiscale waarderingsgrondslagen

De RJk behandelt de onderwerpen die bij kleine rechtspersonen vaak voorkomen. Voor de rest verwijst zij naar een concreet hoofdstuk of een concrete alinea van de RJ-bundel. Staat een onderwerp nergens, dan kiest het bestuur een verwerking die relevante en betrouwbare informatie geeft, binnen de algemene grondslagen van hoofdstuk A2 (RJk A1.202).

Verplicht of vrijwillig: zo leest u de RJk

De RJk gebruikt geen vette stellige uitspraken. Of iets verplicht is, ziet u aan de tekst: een verwijzing naar een wetsartikel of het woord "moet" betekent verplicht. Staat er dat de rechtspersoon iets "kan overwegen", dan is het vrijwillig. Die scheiding komt uit de EU-jaarrekeningrichtlijn: van kleine ondernemingen mag een lidstaat in de toelichting niet meer vragen dan de richtlijn zelf doet.

De RJk gaat over de opgemaakte jaarrekening, de inrichtingsjaarrekening. Wat u deponeert, regelen de wet en hoofdstuk A6 en bijlage D4: een kleine rechtspersoon deponeert de beperkte balans met toelichting zonder winst-en-verliesrekening (art. 2:396 lid 8 BW), een micro alleen de beperkte balans (art. 2:395a lid 8 BW).

De micro in de RJk

  • Onderdelen. Een balans en een winst-en-verliesrekening, elk met vergelijkende cijfers (RJk M1.201). De voorgeschreven toelichting vervalt (art. 2:395a lid 6 BW); enkele vermeldingen staan onder de balans.
  • Uitzonderlijke situaties. Schiet de jaarrekening zonder extra gegevens ernstig tekort, bijvoorbeeld bij materiële onzekerheid over de continuïteit of bij waardering op liquidatiebasis, dan geeft de micro die gegevens toch (RJk M1.202, op grond van art. 2:362 lid 4 BW). Voor boekjaren vanaf 1 januari 2026 deponeert zij die gegevens ook (RJk M1.401).
  • Waardering. Dezelfde regels als voor klein (RJk M1.301), met één uitzondering: voor overige bedrijfskosten hoeven geen overlopende posten te worden opgenomen; vermeld dat dan onder de balans (art. 2:395a lid 3 BW).
  • Actuele waarde. Alleen de actuele kostprijs voor materiële en immateriële vaste activa en de opbrengstwaarde voor agrarische voorraden. Marktwaarde is voor een micro niet toegestaan, dus geen vastgoedbeleggingen of financiële instrumenten tegen reële waarde (RJk M1.303).
  • Overgang. Wie voor het eerst het microregime toepast, verwerkt dat als stelselwijziging en past de vergelijkende cijfers aan, maar hoeft de wijziging niet toe te lichten (RJk M1.304).
  • M2. Micro zorgaanbieders volgen sinds editie 2026 hoofdstuk M2, met de modellen uit de Regeling openbare jaarverantwoording WMG. Sinds editie 2027 geldt M2 ook voor micro jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen, al vanaf boekjaar 2026.

Fiscale grondslagen in de jaarrekening

Micro en klein mogen hun activa en passiva waarderen en hun resultaat bepalen volgens de fiscale regels van de vennootschapsbelasting (art. 2:395a lid 7 BW en art. 2:396 lid 6 BW). Het is alles of niets: alle fiscale grondslagen die voor de rechtspersoon gelden, en dat feit staat in de toelichting. Het Besluit fiscale waarderingsgrondslagen voegt daar vier punten aan toe:

  • het vermogensverschil bij de overstap gaat rechtstreeks in het eigen vermogen aan het begin van het boekjaar; het vergelijkende bedrag mag ongewijzigd blijven (art. 1);
  • een fiscale herinvesteringsreserve staat apart onder het eigen vermogen (art. 2 lid 1);
  • de winst-en-verliesrekening toont ook de fiscaal niet aftrekbare kosten en, apart na de winst voor belastingen, de vennootschapsbelasting (art. 2 lid 2);
  • een kleine rechtspersoon, niet een micro, vermeldt bij welke posten de fiscale waardering belangrijk afwijkt van de gewone regels, ook in de gedeponeerde toelichting (art. 3).

Latente belastingen horen niet in een jaarrekening op fiscale grondslagen (RJk D3.1.204 en D3.2.204). De handreikingen in D3 geven verwerkingsmogelijkheden, geen dwingende voorschriften. De presentatie- en toelichtingsregels van Titel 9 blijven gewoon gelden. Meer over het verschil: fiscale of commerciële jaarrekening.

De volledige RJ kiezen

De RJ-bundel is geschreven voor alle rechtspersonen onder Titel 9; voor kleine rechtspersonen is daarnaast een eigen bundel beschikbaar (RJ 100.201 en 100.202). Een kleine BV mag dus de RJ-bundel volgen. Redenen om dat te doen: de bank of een investeerder wil een jaarrekening op het niveau van de RJ, de groep rapporteert al volgens de RJ, of de BV groeit binnenkort naar middelgroot.

  • U volgt dan de RJ-bundel als geheel, inclusief stellige uitspraken en de toelichtingen die de RJk alleen in overweging geeft. De wettelijke vrijstellingen voor klein van art. 2:396 BW blijven gelden: geen controleplicht, geen bestuursverslag, geen openbare winst-en-verliesrekening.
  • De toelichting noemt de gekozen bundel (art. 2:362 lid 10 BW). Een mengvorm waarin u per onderwerp de lichtste regel kiest, past daar niet bij.
  • Groeit een kleine rechtspersoon naar middelgroot en moet zij daardoor grondslagen wijzigen, dan volgt zij hoofdstuk 140 van de RJ-bundel (RJk A3.101).

Casus: van micro naar klein bij Webwinkel Lindeboom BV

Webwinkel Lindeboom BV (fictief, boekjaar = kalenderjaar) stelt haar jaarrekening op fiscale grondslagen op.

BalansdatumBalanstotaalNetto-omzetWerknemersVoldoet aan micro?Regime
31-12-2023€ 290.000€ 740.0006jamicro
31-12-2024€ 470.000€ 960.0008nee (twee criteria overschreden)micro: eerste jaar erboven
31-12-2025€ 530.000€ 1.100.0009neeklein: tweede jaar op rij erboven
31-12-2026€ 440.000€ 880.0008jaklein: één jaar eronder is niet genoeg

Vanaf boekjaar 2025 is Lindeboom klein. Wat verandert:

  • Er komt een toelichting met onder meer de grondslagen (art. 2:384 lid 5 BW), het gemiddeld aantal werknemers en de vermelding dat fiscale grondslagen zijn toegepast. Die toelichting wordt met de balans gedeponeerd; de winst-en-verliesrekening niet.
  • Lindeboom vermeldt nu ook bij welke posten de fiscale waardering belangrijk afwijkt (art. 3 Besluit fiscale waarderingsgrondslagen), bijvoorbeeld een bestelauto waarop fiscaal € 24.000 herinvesteringsreserve is afgeboekt, zodat de fiscale boekwaarde lager is dan de gewone.
  • De vrijstelling voor overlopende posten vervalt. Een vooruitbetaalde huur van € 6.000 komt nu op de balans; het vergelijkende cijfer 2024 past Lindeboom aan en dat licht zij toe (art. 2:363 lid 5 BW).

Daalt Lindeboom op 31 december 2027 opnieuw onder twee microgrenzen, dan is zij vanaf boekjaar 2027 weer micro.

Wat de edities 2026 en 2027 veranderden

Editie 2026 (boekjaar 2026) maakte de RJk zelfstandiger leesbaar met voorbeelden en verwijzingen naar concrete RJ-alinea's; volgens de RJ zijn dat verduidelijkingen. Inhoudelijk nieuw waren onder meer de afstand van opeising na een convenantbreuk (B9.206), de geen-latentieregel bij eerste verwerking (B15) en publicatie van aanvullende microgegevens (M1.401). Editie 2027 voegt kwalitatieve criteria voor afzonderlijke vermelding toe (A2.113a). Alles per hoofdstuk: Wijzigingen RJ 2026 en 2027.

Zo werkt het bij Jaarrekening.io

Voor een kleine rechtspersoon vraagt Jaarrekening.io welke bundel zij volgt; zonder keuze noemt de toelichting de RJk. Een micro volgt altijd de RJk. Voor de micro staat in de vragenlijst een aparte vraag of aanvullende informatie nodig is voor het inzicht, bijvoorbeeld bij twijfel over de continuïteit; voor boekjaren vanaf 2026 komt die informatie ook in de publicatieversie. Wat de RJk alleen in overweging geeft, is in de app een vrijwillige vraag.

Bronnen

Juridische mededeling: deze informatie is algemeen van aard en vervangt geen fiscaal of juridisch advies of accountantscontrole. De inhoudelijke juistheid en volledigheid van de jaarrekening blijven de verantwoordelijkheid van het bestuur.

Veelgestelde vragen

Wat betekent RJk?

RJk staat voor de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving voor micro- en kleine rechtspersonen. Het is een aparte bundel van de Raad voor de Jaarverslaggeving, naast de RJ-bundel voor middelgrote en grote rechtspersonen. Hij is ingedeeld in afdeling M (micro), A (algemeen), B (posten), C (bijzondere kleine organisaties) en D (bijlagen).

Geldt de RJk ook voor een microrechtspersoon?

Ja. Hoofdstuk M1 regelt wat de micro opneemt en deponeert; voor waardering en resultaatbepaling gelden de RJk-regels voor kleine rechtspersonen (RJk M1.301). Een micro heeft geen toelichting, behalve gegevens die in uitzonderlijke situaties nodig zijn voor het inzicht, zoals twijfel aan de continuïteit.

Mag een kleine BV de RJ-bundel gebruiken in plaats van de RJk?

Ja. De RJ-bundel is geschreven voor alle rechtspersonen onder Titel 9; de RJk is een extra bundel voor kleine rechtspersonen. Kiest een kleine BV de RJ-bundel, dan volgt zij die als geheel en vermeldt zij dat in de toelichting. De wettelijke vrijstellingen voor klein blijven gelden.

Moet ik doen wat de RJk 'kan overwegen' noemt?

Nee. 'Kan overwegen' betekent dat de informatie vrijwillig is. De RJk gebruikt die formulering omdat de EU-jaarrekeningrichtlijn verbiedt om van kleine ondernemingen meer toelichting te vragen dan de richtlijn zelf. Verplicht is wat de RJk met 'moet' of met een verwijzing naar een wetsartikel aangeeft.

Wat is RJk M2?

M2 is het hoofdstuk voor micro zorgaanbieders en, sinds editie 2027, ook voor micro jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen. Het volgt de Regeling openbare jaarverantwoording WMG en de Regeling openbare jaarverantwoording Jeugdwet, met eigen modellen en een eigen deponering. Voor jeugdhulpaanbieders geldt het vanaf boekjaar 2026.

Lees ook

Klaar voor uw jaarrekening?

Uw eerste jaarrekening is gratis, voor elke grootteklasse. Maak een account aan en stel haar op volgens Titel 9 BW2, van saldibalans tot publicatiestukken.

Gratis starten