Sector

Jaarrekening installatiebedrijf: projecten, servicecontracten en g-rekening

Een installateur doet drie dingen door elkaar: projecten van maanden, storingen van een uur en onderhoud per jaar. Elk heeft een eigen regel voor omzet.

✓ Eerste jaarrekening gratis ✓ Micro tot grote rechtspersoon ✓ Publicatieversie per grootteklasse ✓ Primaire database in de EU · verwerkersovereenkomst

Het korte antwoord

Een installatiebedrijf verwerkt projecten volgens RJ 221: opbrengst en kosten naar rato van de voortgang als het resultaat betrouwbaar is in te schatten. Zo niet, dan neemt u omzet tot de verhaalbare kosten, zonder winst. Een verwacht verlies neemt u direct. Losse leveringen en servicecontracten vallen onder RJ 270. Als aannemer bent u aansprakelijk voor loonheffingen van uw onderaannemer.

Bijgewerkt op 30 oktober 2026

Kerngegevens

ProjectenRJ 221: naar rato van de verrichte prestaties (alinea 301)
Resultaat niet te schattenOpbrengst tot de verhaalbare kosten, geen winst (alinea 314)
Verwacht verliesDirect en volledig als last (alinea 323)
Service en losse leveringRJ 270

Project, storing of servicecontract: welke regel geldt?

RJ 270 sluit projectopbrengsten uit en verwijst daarvoor naar RJ 221 (alinea 103). Bepaal dus eerst in welke categorie een opdracht valt.

Soort werkRegelOmzet in het boekjaar
Klimaat-, elektra- of sanitairinstallatie in opdracht, over meerdere maandenRJ 221Naar rato van de voortgang
Storing of kleine reparatieRJ 270, alinea 115Als het werk is uitgevoerd
Onderhouds- of servicecontract per jaarRJ 270, alinea 120Gelijkmatig over de contractperiode
Levering van een losse ketel of omvormer zonder montageRJ 270, alinea 110Bij overdracht van de risico's aan de klant

Projecten volgens RJ 221: voortgang, nulwinst en verlies

Wat in de wandeling onderhanden werk heet, is bij een installateur meestal een onderhanden project. Kunt u het resultaat betrouwbaar inschatten, dan verwerkt u projectopbrengsten en -kosten naar rato van de verrichte prestaties op balansdatum (RJ 221, alinea 301). Termijnfacturen zeggen daar weinig over: betalingen en gedeclareerde termijnen hoeven de voortgang niet weer te geven (alinea 311). Materiaal dat op de bouwplaats ligt maar nog niet is gemonteerd, is nog geen prestatie.

Is het resultaat niet betrouwbaar in te schatten, wat aan het begin van een project vaak zo is, dan verwerkt u opbrengsten alleen tot het bedrag van de gemaakte projectkosten dat u waarschijnlijk kunt verhalen. Winst neemt u dan niet (alinea 314 en 315). Deze nulwinstmethode mag u om praktische redenen ook gebruiken bij een stroom van projecten die overwegend korter dan twaalf maanden lopen, mits dat vermogen en resultaat niet wezenlijk vertekent (alinea 316).

Verwacht u dat de totale projectkosten hoger uitkomen dan de opbrengsten, dan neemt u het hele verlies direct als last, ongeacht het stadium van het project en ongeacht de winst op andere projecten (alinea 323 en 324). Op de balans staat per project het saldo van gerealiseerde opbrengsten, verwerkte verliezen en gedeclareerde termijnen: een actief als u vóórloopt op de facturen, een schuld als de klant vooruit heeft betaald (alinea 409).

Onderaannemers, ketenaansprakelijkheid en de g-rekening

Schakelt u een onderaannemer in voor leidingwerk of isolatie, dan bent u aansprakelijk voor de loonheffingen die hij over dat werk moet afdragen. De regeling maakt elke schakel in de keten aansprakelijk voor de volgende. U beperkt het risico door een deel van de factuur op de g-rekening van de onderaannemer te storten. Werkt u zelf voor een hoofdaannemer, dan ontvangt u een deel van uw omzet op uw eigen g-rekening. Dat saldo kunt u alleen gebruiken voor loonheffingen en btw. Bent u middelgroot of groot, dan meldt u in de toelichting dat het niet vrij beschikbaar is (art. 2:372 lid 2 BW); een kleine of micro-BV is tot die melding niet verplicht.

Rekenvoorbeeld: warmtepompen en een servicecontract

Een fictieve installatie-BV plaatst warmtepompen in een appartementencomplex voor € 50.000. Op 31 december is 60% uitgevoerd, er is € 20.000 aan termijnen gedeclareerd en de projectkosten tot dan toe zijn € 25.000.

  • Opbrengst: 60% × € 50.000 = € 30.000.
  • Resultaat op het project tot nu toe: € 30.000 − € 25.000 = € 5.000.
  • Balans: € 30.000 − € 20.000 = € 10.000 onderhanden project, een actief.

Was het resultaat nog niet betrouwbaar in te schatten, dan was de opbrengst € 25.000 geweest, gelijk aan de kosten, en het projectsaldo € 5.000. Dezelfde BV verkoopt op 1 oktober een servicecontract van € 1.200 per jaar: € 300 is omzet van dit boekjaar en € 900 staat als vooruitontvangen bedrag onder de overlopende passiva.

Vier fouten in de projectadministratie

  • Materiaal op locatie meetellen als voortgang.
  • Een verlieslatend project verrekenen met de marge op servicecontracten.
  • Het servicecontract in één keer als omzet boeken op de factuurdatum.
  • Meerwerk opnemen zonder schriftelijke opdracht.

Eenmanszaak, vof of BV, en de grootteklasse

Zelfstandige monteurs en kleine installateurs werken vaak als eenmanszaak of vof; die vallen in de regel niet onder Titel 9. Voor een installatie-BV bepalen balanstotaal, omzet en personeel de klasse, en een projectsaldo dat als actief op de balans staat, telt in dat balanstotaal mee. De grenzen staan bij de groottecriteria; de controleplicht-check laat zien of u een accountant nodig hebt.

Wat BV's in deze sector deponeren

Installateurs staan in SBI-afdeling 43, gespecialiseerde werkzaamheden in de bouw, en tellen dus mee in sectie F, bouwnijverheid. De cijfers gaan over de hele sectie, aannemers inbegrepen; een apart cijfer voor installateurs geeft de dataset niet.

Balansklasse, boekjaar 2024DeponeringenSolvabiliteit: p25 – mediaan – p75Current ratio: p25 – mediaan – p75
Micro (balans tot en met € 450.000)8.8471,1% – 47,4% – 79,0%0,90 – 1,79 – 4,25
Klein (balans boven € 450.000 tot en met € 7,5 mln)8.77322,5% – 47,4% – 70,1%1,17 – 1,84 – 3,57
Middelgroot (balans boven € 7,5 mln tot en met € 25 mln)81013,6% – 35,5% – 59,3%0,81 – 1,50 – 2,82
Groot (balans boven € 25 mln)2184,0% – 28,1% – 64,1%0,52 – 1,29 – 3,89

In balansklasse klein had sectie F over boekjaar 2024 een mediane solvabiliteit van 47,4%, lager dan de 73,4% van alle balansen in die klasse samen; de mediane current ratio was 1,84, lager dan landelijk (3,28). Het landelijke cijfer ligt hoog door de vele holdings.

De balansklasse volgt alleen het balanstotaal, niet de wettelijke grootteklasse. De dataset noemt geen rechtsvorm; het gaat om alle deponeringen in XBRL met deze SBI-sectie, vooral van BV's. Bron: KVK Handelsregister Open Dataset Jaarrekeningen, bewerking Jaarrekening.io, CC BY 4.0. Gegevens gedownload en verwerkt op 2 november 2026. Uitleg en alle sectoren: solvabiliteit per sector en current ratio per sector.

Jaarrekening.io en de projecten van een installateur

De voortgang per project en de afgrenzing van servicecontracten bepaalt u zelf, in uw project- of boekhoudpakket. Jaarrekening.io neemt de saldibalans over uit een XAF-auditfile of een Excel- of CSV-bestand, stelt de indeling in jaarrekeningposten voor en schrijft een concept van de toelichting, dat u aanpast aan uw eigen methode.

Bronnen

Juridische mededeling: deze informatie is algemeen van aard en vervangt geen fiscaal of juridisch advies of accountantscontrole. De inhoudelijke juistheid en volledigheid van de jaarrekening blijven de verantwoordelijkheid van het bestuur.

Veelgestelde vragen

Wanneer mag ik de nulwinstmethode gebruiken?

Als u het projectresultaat niet betrouwbaar kunt inschatten (RJ 221, alinea 314). Daarnaast mag het om praktische redenen bij een stroom van projecten die overwegend korter dan twaalf maanden duren of gelijkmatig gespreid gereedkomen, zolang het effect op vermogen en resultaat niet van materieel belang is (alinea 316).

Hoe verwerk ik een termijnfactuur die vooruitloopt op het werk?

De termijn is geen omzet. U trekt de gedeclareerde termijnen af van de gerealiseerde projectopbrengst; is het saldo negatief, dan staat het als schuld aan de opdrachtgever op de balans (RJ 221, alinea 409).

Valt een servicecontract onder RJ 221?

Nee. Periodiek onderhoud is een dienst over een afgesproken periode en valt onder RJ 270. U verdeelt de opbrengst gelijkmatig over de looptijd, tenzij een andere verdeling de werkelijke inspanning beter weergeeft.

Kan ik als eenmanszaak een g-rekening openen?

Alleen als u inhoudingsplichtig bent voor loonheffingen, dus personeel in dienst hebt. Aan een zzp'er zonder personeel die als onderaannemer werkt, verleent de Belastingdienst geen medewerking, ook niet als de opdrachtgever erom vraagt.

Lees ook

Klaar voor uw jaarrekening?

Uw eerste jaarrekening is gratis, voor elke grootteklasse. Maak een account aan en stel haar op volgens Titel 9 BW2, van saldibalans tot publicatiestukken.

Gratis starten