Wet: Titel 9 Boek 2 BW

Artikel 2:366 BW: de categorieën materiële vaste activa

Artikel 2:366 BW deelt de materiële vaste activa in vijf categorieën in en vraagt een vermelding als u op een actief slechts een beperkt recht heeft, zoals erfpacht.

✓ Eerste jaarrekening gratis ✓ Micro tot grote rechtspersoon ✓ Publicatieversie per grootteklasse ✓ Primaire database in de EU · verwerkersovereenkomst

Het korte antwoord

Artikel 2:366 BW verdeelt de materiële vaste activa in bedrijfsgebouwen en -terreinen, machines en installaties, andere vaste bedrijfsmiddelen, activa in uitvoering met vooruitbetalingen, en activa die niet aan het productieproces dienen. Heeft de rechtspersoon op een actief alleen een beperkt zakelijk of duurzaam persoonlijk genotsrecht, zoals erfpacht of opstal, dan vermeldt zij dat.

Bijgewerkt op 27 oktober 2026

Kerngegevens

PlaatsAfdeling 3, § 2 (Activa)
Huidige tekst sinds1 januari 1984 (Stb. 1983, 663); nooit gewijzigd
BoekjarenWet en RJ 212 (versie 2024, van kracht vanaf 2025) zijn voor 2025, 2026 en 2027 gelijk
UitwerkingRJ 212, RJ 213 voor vastgoedbeleggingen; RJk B2

Lid 1: vijf categorieën

1. Onder de materiële vaste activa worden afzonderlijk opgenomen:

a. bedrijfsgebouwen en -terreinen;

b. machines en installaties;

c. andere vaste bedrijfsmiddelen, zoals technische en administratieve uitrusting;

d. materiële vaste bedrijfsactiva in uitvoering en vooruitbetalingen op materiële vaste activa;

e. niet aan het produktieproces dienstbare materiële vaste activa.

Art. 2:366 lid 1 BW

Wat betekent dit

  • a. Gebouwen en terreinen die de onderneming zelf gebruikt: kantoor, hal, winkel, grond.
  • b. Machines en installaties: productielijnen, koelinstallaties, een vaste kraan.
  • c. Andere vaste bedrijfsmiddelen: inventaris, computers, gereedschap, auto's.
  • d. In uitvoering en vooruitbetaald: een hal in aanbouw, een machine die al half is betaald. Wat u alleen hebt besteld en waarvoor u nog niets hebt betaald of gebouwd, staat niet op de balans; dat is een verplichting die u in de toelichting vermeldt (RJ 212.604).
  • e. Niet dienstbaar aan het productieproces: een gebouw dat de onderneming niet (meer) gebruikt, of een woning voor een bestuurder ver van het bedrijf. Het begrip productieproces is ruim: elke functie in de bedrijfsvoering telt mee, ook reservecapaciteit (RJ 212.602 en 212.603).

Vastgoed dat u als belegging verhuurt aan derden, valt onder RJ 213 Vastgoedbeleggingen, met eigen waarderings- en toelichtingsregels. Een gehuurd of geleasd actief komt alleen op de balans als de leaseregels dat vragen (RJ 292; RJ 212.104).

Lid 2: erfpacht, opstal en andere beperkte rechten

2. Indien de rechtspersoon op of met betrekking tot materiële vaste activa slechts een beperkt zakelijk of persoonlijk duurzaam genotsrecht heeft, wordt dit vermeld.

Art. 2:366 lid 2 BW

Wat betekent dit

Een gebouw op erfpachtgrond is iets anders dan een gebouw op eigen grond: na afloop van de erfpacht kan de grond terugvallen en de canon kan stijgen. De lezer moet dat weten. U vermeldt daarom bij welke activa u alleen een beperkt zakelijk recht heeft (erfpacht, opstal, vruchtgebruik) of een duurzaam persoonlijk gebruiksrecht. Voor vastgoedbeleggingen geldt dezelfde vermelding (RJ 213.802a).

Middelgroot en groot lichten volgens RJ 212.703 ook toe wat de eigendom beperkt, wat als zekerheid dient, hoeveel al in activa in aanbouw zit en tot welke investeringen zij zich hebben verplicht. Een kleine rechtspersoon vermeldt de activa die als zekerheid voor schulden dienen (art. 2:375 lid 3 BW; RJk B2.131).

Casus: een fabriek op erfpachtgrond

Vliet Voedingstechniek BV (fictief, middelgroot) produceert sauzen. Haar fabriek staat op grond van de gemeente in erfpacht tot 2061. In 2025 bouwt zij een nieuwe opslaghal en betaalt zij een eerste termijn op een vulmachine. De vroegere directiewoning naast de fabriek staat sinds 2024 leeg en wordt verkocht.

Materiële vaste activa 31-12-2025Bedrag
Bedrijfsgebouwen (op erfpachtgrond)€ 1.850.000
Machines en installaties€ 2.400.000
Andere vaste bedrijfsmiddelen€ 310.000
In uitvoering en vooruitbetaald (hal € 640.000, vulmachine € 120.000)€ 760.000
Niet aan het productieproces dienstbaar (voormalige directiewoning)€ 290.000
Totaal€ 5.610.000

In de toelichting vermeldt Vliet dat de fabriek op erfpachtgrond staat, met de looptijd. Voor de rest van de hal heeft zij een aannemingscontract van € 900.000 getekend; dat bedrag staat niet op de balans, maar als investeringsverplichting in de toelichting (art. 2:381 BW). Bij de woning vermeldt zij dat die buiten gebruik is en wordt verkocht (RJ 212.707). Was Vliet klein geweest, dan had één post materiële vaste activa van € 5.610.000 volstaan (RJk B2.104).

Per grootteklasse

KlasseWat geldt
MicroGeen uitsplitsing: de materiële vaste activa vallen in het totaal vaste activa (art. 2:395a lid 4 BW).
KleinEén post materiële vaste activa; de vijf categorieën en de vermelding van lid 2 zijn niet verplicht (art. 2:396 lid 3 BW; RJk B2.104). Wel de activa die als zekerheid dienen.
MiddelgrootAlle categorieën en lid 2, met de toelichting van RJ 212.701 tot en met 212.705; ook in de openbaar gemaakte balans (art. 2:397 lid 5 BW).
GrootAls middelgroot, zonder publicatievrijstellingen.

Veelgemaakte fouten

  • Een bestelde maar nog niet betaalde machine onder de activa in uitvoering zetten.
  • Een leegstaand gebouw bij de bedrijfsgebouwen laten staan, terwijl het niet meer aan de bedrijfsvoering dient.
  • Niet vermelden dat het pand op erfpachtgrond staat.
  • Een pand dat aan derden wordt verhuurd als bedrijfsgebouw presenteren. Dat is een vastgoedbelegging met eigen regels.

Bronnen

Juridische mededeling: deze informatie is algemeen van aard en vervangt geen fiscaal of juridisch advies of accountantscontrole. De inhoudelijke juistheid en volledigheid van de jaarrekening blijven de verantwoordelijkheid van het bestuur.

Veelgestelde vragen

Wat zijn materiële vaste activa?

Tastbare bezittingen die de onderneming duurzaam gebruikt: gebouwen en terreinen, machines en installaties, inventaris, computers en vervoermiddelen, activa in aanbouw en vooruitbetalingen daarop, en bezit dat niet aan de bedrijfsvoering dient (art. 2:366 lid 1 BW). Middelgrote en grote rechtspersonen tonen die vijf categorieën apart.

Moet ik vermelden dat mijn pand op erfpachtgrond staat?

Ja, als u middelgroot of groot bent: art. 2:366 lid 2 BW vraagt een vermelding als de rechtspersoon op een materieel vast actief slechts een beperkt zakelijk recht heeft, zoals erfpacht, opstal of vruchtgebruik. Een kleine rechtspersoon is van deze vermelding vrijgesteld, maar kan haar voor het inzicht toch opnemen.

Moet een kleine BV de materiële vaste activa uitsplitsen?

Nee. Voor een kleine rechtspersoon volstaat één bedrag materiële vaste activa (art. 2:396 lid 3 BW en RJk B2.104). Een microrechtspersoon toont alleen het totaal van de vaste activa.

Staat een bestelde machine op de balans?

Pas als u ervoor hebt betaald of als de bouw is begonnen. Een vooruitbetaling of een actief in aanbouw staat onder lid 1 onder d. Een bestelling zonder betaling is een verplichting buiten de balans. Middelgroot en groot vermelden het bedrag (RJ 212.703 en 252.515); een kleine rechtspersoon vermeldt haar als zij van belang is (art. 2:381 lid 1 BW), en RJk B2.132 geeft het bedrag in overweging.

Lees ook

Klaar voor uw jaarrekening?

Uw eerste jaarrekening is gratis, voor elke grootteklasse. Maak een account aan en stel haar op volgens Titel 9 BW2, van saldibalans tot publicatiestukken.

Gratis starten