Jaarrekening detailhandel: voorraad en afwaardering
In een winkel bepaalt de voorraad de winst. Zo kiest u een kostprijsmethode, waardeert u oude collecties af en verwerkt u cadeaukaarten, retouren en derving.
Het korte antwoord
In de jaarrekening van een winkel bepaalt de voorraad het resultaat. U waardeert artikelen tegen kostprijs en boekt af zodra de actuele waarde op balansdatum lager is (art. 2:387 lid 2 BW). Voor gelijksoortige artikelen mag u gewogen gemiddelde prijzen, fifo of lifo gebruiken (art. 2:385 lid 2 BW). Een verkochte cadeaukaart is een schuld tot de klant haar inlevert.
Bijgewerkt op 30 oktober 2026
Kerngegevens
| Waardering van de voorraad | Verkrijgingsprijs: inkoopprijs plus bijkomende kosten (art. 2:388 lid 1 BW) |
| Toegestane kostprijsformules | Gewogen gemiddelde prijzen, fifo, lifo of een soortgelijke regel (art. 2:385 lid 2 BW) |
| Afwaarderen | Verplicht als de actuele waarde op balansdatum lager is (art. 2:387 lid 2 BW) |
| Afwaardering terugnemen | Zodra de waardevermindering niet meer bestaat (art. 2:387 lid 4 BW) |
De kostprijs: gewogen gemiddelde, fifo of lifo
Een winkel koopt hetzelfde artikel tegen wisselende prijzen in. Voor de stuks die op 31 december nog in het schap liggen, laat de wet u kiezen: gewogen gemiddelde prijzen, fifo (wat het eerst binnenkwam, is het eerst verkocht), lifo of een soortgelijke regel (art. 2:385 lid 2 BW). De keuze verandert de winst, zoals dit voorbeeld laat zien: 100 stuks ingekocht voor € 20 in maart, 100 stuks voor € 26 in september, en 120 stuks verkocht.
| Methode | Eindvoorraad van 80 stuks | Kostprijs van de omzet |
|---|---|---|
| Fifo | 80 × € 26 = € 2.080 | € 4.600 − € 2.080 = € 2.520 |
| Gewogen gemiddelde | 80 × € 23 = € 1.840 | € 4.600 − € 1.840 = € 2.760 |
| Lifo | 80 × € 20 = € 1.600 | € 4.600 − € 1.600 = € 3.000 |
Bij stijgende inkoopprijzen geeft fifo dus de hoogste voorraad en de hoogste winst. Eenmaal gekozen houdt u de methode aan: wisselen mag alleen om gegronde redenen (art. 2:384 lid 6 BW). Verdere uitleg staat bij voorraden waarderen.
Afwaarderen naar de lagere opbrengstwaarde
Bij langzaam verkopende maten, kleuren of collecties waardeert u af: vlottende activa staan tegen actuele waarde op de balans als die op balansdatum lager is dan de verkrijgingsprijs (art. 2:387 lid 2 BW). Voor voorraad is dat de opbrengstwaarde: de prijs waarvoor u het artikel nog kunt verkopen, min de kosten die u daarvoor nog maakt (art. 5 Besluit actuele waarde).
De ontwerp-richtlijn RJ 220 noemt als aanleiding dat artikelen beschadigd, verouderd of incourant zijn of dat de verkoopprijzen zijn gedaald. U beoordeelt per artikel; vergelijkbare artikelen mag u groeperen. Ligt een afgewaardeerde partij op de volgende balansdatum nog in de winkel en is de waarde hersteld, dan draait u de afboeking terug (art. 2:387 lid 4 BW).
Rekenvoorbeeld: winterjassen na de collectiewissel
Een kledingwinkel-BV heeft op 31 december 300 winterjassen in voorraad met een kostprijs van € 70 per stuk, samen € 21.000. Van de collectie die wordt uitgefaseerd liggen er nog 80; die brengen in de uitverkoop naar verwachting € 50 per stuk op, na aftrek van verkoopkosten.
- Courante jassen: 220 × € 70 = € 15.400.
- Uitgefaseerde jassen: 80 × € 50 = € 4.000 in plaats van 80 × € 70 = € 5.600.
- Afwaardering: € 5.600 − € 4.000 = € 1.600, ten laste van het resultaat van dit boekjaar.
- Voorraad op de balans: € 15.400 + € 4.000 = € 19.400.
De brutomarge daalt dit jaar met € 1.600. Verkoopt de winkel de 80 jassen in januari voor € 50, dan is de marge op die verkoop nul: het verlies is genomen in het jaar waarin de waardedaling ontstond.
Cadeaukaarten, retouren, kas en derving
Een cadeaukaart is bij verkoop geen omzet: het bedrag staat als schuld op de balans tot de kaart wordt ingeleverd. Verwacht u retouren in januari, dan boekt u voor dat deel een terugbetalingsverplichting, net als een webshop (RJ 270, alinea 112).
Het verschil tussen de voorraad volgens de administratie en de getelde voorraad is derving: diefstal, breuk en telfouten. Het getelde aantal is leidend en het verschil is een last van het boekjaar.
Veel winkels zijn een eenmanszaak of vof; die deponeren geen jaarrekening bij de KvK. Voor een winkel-BV gelden de gewone groottecriteria, en met de controleplicht-check ziet u of een accountantscontrole nodig is.
Veelgemaakte fouten in de winkeladministratie
- De voorraad waarderen tegen de verkoopprijs in het schap in plaats van tegen de kostprijs.
- De afwaardering van een oude collectie uitstellen tot het jaar van de uitverkoop.
- Zonder gegronde reden van kostprijsmethode wisselen.
Wat BV's in deze sector deponeren
Winkels (SBI 47), ook webwinkels, delen SBI-sectie G met de groothandel (SBI 46) en de autobranche (SBI 45). Een cijfer voor alleen de detailhandel geeft de dataset niet.
| Balansklasse, boekjaar 2024 | Deponeringen | Solvabiliteit: p25 – mediaan – p75 | Current ratio: p25 – mediaan – p75 |
|---|---|---|---|
| Micro (balans tot en met € 450.000) | 18.381 | −27,6% – 34,3% – 75,9% | 0,71 – 1,57 – 4,08 |
| Klein (balans boven € 450.000 tot en met € 7,5 mln) | 20.564 | 27,5% – 53,9% – 76,7% | 1,31 – 2,18 – 4,55 |
| Middelgroot (balans boven € 7,5 mln tot en met € 25 mln) | 1.514 | 26,2% – 49,1% – 75,5% | 1,23 – 1,84 – 3,51 |
| Groot (balans boven € 25 mln) | 321 | 18,7% – 53,4% – 86,9% | 0,96 – 1,42 – 3,56 |
In balansklasse klein had sectie G over boekjaar 2024 een mediane solvabiliteit van 53,9%, lager dan de 73,4% van alle balansen in die klasse samen; de mediane current ratio was 2,18, lager dan landelijk (3,28). Het landelijke cijfer ligt hoog door de vele holdings.
De balansklasse volgt alleen het balanstotaal, niet de wettelijke grootteklasse. De dataset noemt geen rechtsvorm; het gaat om alle deponeringen in XBRL met deze SBI-sectie, vooral van BV's. Bron: KVK Handelsregister Open Dataset Jaarrekeningen, bewerking Jaarrekening.io, CC BY 4.0. Gegevens gedownload en verwerkt op 2 november 2026. Uitleg en alle sectoren: solvabiliteit per sector en current ratio per sector.
De winkel-BV in Jaarrekening.io
U leest de saldibalans van uw winkel-BV in als XAF-auditfile, Excel- of CSV-bestand; Jaarrekening.io stelt voor bij welke posten van de jaarrekening uw rekeningen horen en maakt een publicatieversie die past bij de grootteklasse. De telling, de kostprijsmethode en de afwaardering stelt u zelf vast vóór u de cijfers inleest. Er gaat vanuit de software niets naar de KvK of de Belastingdienst.
Bronnen
Veelgestelde vragen
Is lifo toegestaan in een Nederlandse jaarrekening?
Ja. Art. 2:385 lid 2 BW noemt lifo uitdrukkelijk, naast gewogen gemiddelde prijzen en fifo. Bij stijgende prijzen geeft lifo de laagste voorraadwaarde en de laagste winst. Pas de gekozen methode elk jaar op dezelfde manier toe.
Mag ik overstappen van fifo naar gewogen gemiddelde prijzen?
Alleen om gegronde redenen; een lagere winst in een goed jaar is dat niet. U zet de reden in de toelichting uiteen en laat met aangepaste cijfers zien wat de wijziging betekent voor vermogen en resultaat (art. 2:384 lid 6 BW). Een micro-rechtspersoon, die geen toelichting opstelt, is van die uitleg vrijgesteld (art. 2:395a lid 6 BW).
Moet ik een afwaardering terugdraaien als de artikelen later toch goed verkopen?
Niet als ze verkocht zijn: dan valt de hogere opbrengst vanzelf in de marge van het verkoopjaar. Ligt de partij op de volgende balansdatum nog in voorraad en bestaat de waardevermindering niet meer, dan maakt u de afboeking ongedaan (art. 2:387 lid 4 BW).
Moet een winkel met een eenmanszaak de voorraad ook tellen?
Ja. Ook een eenmanszaak maakt jaarlijks een balans (art. 3:15i BW), en de voorraad is daar een post van. Zonder telling kunt u de inkoopwaarde van de omzet, en dus de winst, niet onderbouwen.
Lees ook
Klaar voor uw jaarrekening?
Uw eerste jaarrekening is gratis, voor elke grootteklasse. Maak een account aan en stel haar op volgens Titel 9 BW2, van saldibalans tot publicatiestukken.
Gratis starten